Kimchi associeer je misschien met kool, maar vrijwel elke groente met voldoende vocht kan fermenteren. Zelfs rabarber. En dat levert een verrassend lekkere combinatie op van friszuur, fruitig, pittig en knapperig. Voor deze versie heb je geen speciale fermentatiepot nodig. Een druk-en-sluitzak of zip-lock werkt perfect. Het zout trekt vocht uit de rabarber, waardoor melkzuurbacteriën hun werk kunnen doen. Na een paar dagen ontstaat een frisse, licht funky rabarberkimchi. Zoals bij alle fermentaties geldt: gebruik de tijd als richtlijn, maar vertrouw vooral op je neus en smaakpapillen!
Recept voor rabarberkimchi
Rabarberkimchi
Ingrediënten
- 500 g rabarber in plakjes van ongeveer 5 mm
- 10 g zout 2% van het gewicht van de rabarber
- 10 g verse gember geraspt
- 10 g knoflook geraspt
- 10 g gochugaru
Bereidingswijze
- Meng de rabarber met het zout, de gember, knoflook en gochugaru.
- Doe alles in een stevige druk-en-sluitzak.
- Duw zoveel mogelijk lucht uit de zak en sluit deze goed af.
- Masseer de zak kort zodat het zout zich goed verdeelt en de rabarber vocht begint los te laten.
- Laat de zak op kamertemperatuur liggen.
- Masseer de zak af en toe nog eens om het vrijkomende vocht goed te verdelen.
Opmerkingen
de temperatuur in huis; hoe sappig de rabarber is; de activiteit van de aanwezige melkzuurbacteriën. Controleer daarom regelmatig: Komt er voldoende vocht vrij? Ontstaan er kleine belletjes? Ruikt het friszuur en aantrekkelijk? Vind je de smaak lekker? Wanneer is hij klaar? Begin na ongeveer 2 dagen met proeven.
Is de rabarber lichtzuur, pittig en nog lekker knapperig? Dan is hij klaar.
Wil je meer zuur en fermentatiesmaak? Laat hem dan nog een dag langer staan. Bewaren Wanneer de smaak naar wens is, bewaar je de rabarberkimchi in de koelkast. De fermentatie vertraagt dan sterk, maar de smaak zal zich nog rustig verder ontwikkelen
Photo by Monika Grabkowska on Unsplash


