Breng 1 liter water aan de kook in een grote soeppan, voeg 1 hele ui, de plakken gember en het buikspek toe. Laat 20 tot 25 minuten doorkoken op middelhoog vuur. Giet het water uit de pan en spoel het buikspek goed af onder koud stromend water. Laat uitlekken in een vergiet of dep droog met keukenpapier. Snijd het buikspek in plakken van ongeveer 1 centimeter dik.
Laat de garnalen als ze bevroren zijn eerst ontdooien in een kom met water. Breng in een pan 1 liter water aan de kook met een snuf zout en eventueel de wodka. Voeg de garnalen toe en kook 2 tot 3 minuten tot de garnalen niet meer doorzichtig zijn. Als ze gaar zijn, zullen ze gaan drijven. Spoel de garnalen onder koud stromend water af en laat uitlekken in een vergiet. Snijd ze eventueel door de helft, zodat je ze beter kunt verdelen over de springrolls.
Kook de rijstvermicelli volgens de aanwijzingen op de verpakking.
Bereid alle groenten en de munt voor door ze te wassen en eventueel te snijden.
Hoisin-pindadipsaus
Verhit de neutrale olie in een steelpan op middelhoog vuur en bak de knoflook geurig. Haal de knoflook met een schuimspaan uit de pan. Zet de knoflook opzij, deze wordt niet meer gebruikt in dit gerecht.
Zet het vuur uit. Voeg de hoisinsaus, pindakaas, 50 milliliter water en ve-tsin toe aan de pan met knoflookolie en verhit op laag vuur. Meng goed.
Haal na 1 minuut de pan van het vuur. Roer de sesamolie door de saus en laat afkoelen. Bewaar de saus tot 1 week in een gesteriliseerde pot of bakje in de koelkast.