Verwarm de oven voor op 200 °C. Snijd de pompoen in 6 stukken, verwijder de pitten en draden maar laat de schil zitten. Pak elk stuk in aluminiumfolie en leg ze op een bakblik. Rooster 45 minuten tot 1 uur. Laat iets afkoelen.
Verlaag de oventemperatuur naar 110 °C. Lepel het gare vruchtvlees uit de schil en pureer met een staafmixer of vork. Spreid de puree uit op een met bakpapier bekleed bakblik en droog nog 30 minuten in de oven. Laat afkoelen.
Bebloem het werkvlak en stort de puree erop. Meng met bloem, ei, nootmuskaat en zout. Kneed kort tot een soepel deeg. Voeg zo nodig extra bloem toe als het deeg te plakkerig is. Verdeel in stukken, bestuif met bloem en rol uit tot strengen van 1½ cm doorsnee. Snijd in stukjes van 2 cm. Ze zijn zacht, maar worden steviger tijdens het koken.
Smelt de boter met de salieblaadjes in een sauteerpan en laat lichtbruin worden. Breng intussen 4 liter water aan de kook. Voeg 2 afgestreken eetlepels zout toe (ca. 8 g per liter). Kook de gnocchi 2 à 3 minuten tot ze boven komen drijven. Schep ze eruit met een schuimspaan en doe bij de boter. Voeg een pollepel kookwater toe en roer tot een emulsie ontstaat.
Rasp de ricotta salata erover met een grove rasp, bestrooi met zwarte peper en serveer direct.